Joris Surmont (1954) doorliep de Stedelijke Visserijschool John Bauwens te Oostende. Hij is houder van het diploma van aspirant schipper en het brevet van motorist ter zeevisserij. Op 15- jarige leeftijd monsterde hij aan als scheepsjongen op de O.32 Roland, een kotter van de Oostendse 'bootsjouwerij'. Later bedreef hij de 'grote' visserij op IJsland alsook de bokkenvisserij in de Keltische en de Ierse zee.
Na een carrière op de zeevisserij stapte hij over naar Defensie, waar hij na zijn studies voor industrieel ingenieur, actief was als technisch officier aan boord van de fregatten Westdiep, Wielingen en Wandelaar. Fregatkapitein Surmont fungeerde tot eind 2010 als hoofd toezicht contracten varend materieel bij Defensie. Tot eind 2014 gaf hij les aan de Nautische School van de marinecomponent. In die periode was hij ook technisch raadgever voor het wetenschappelijk onderzoeksschip Belgica en voor het project ‘Mijnenbestrijding van de toekomst'. Hij schreef een boek over de IJslandvisserij en visserijbeheer en was actief als gids bij het Nationaal Visserijmuseum te Oostduinkerke.
